| Zebibits per seconde (Zibit/s) | Teraoctetten per seconde (To/s) |
|---|---|
| 1 Zebibit per seconde | 147573952.59 To/s |
| 2 Zebibits per seconde | 295147905.179 To/s |
| 3 Zebibits per seconde | 442721857.769 To/s |
| 4 Zebibits per seconde | 590295810.359 To/s |
| 5 Zebibits per seconde | 737869762.948 To/s |
| 10 Zebibits per seconde | 1475739525.9 To/s |
| 20 Zebibits per seconde | 2951479051.79 To/s |
| 25 Zebibits per seconde | 3689348814.74 To/s |
| 50 Zebibits per seconde | 7378697629.48 To/s |
| 100 Zebibits per seconde | 14757395259 To/s |
| Referentie | Zebibits per seconde (Zibit/s) | Teraoctetten per seconde (To/s) |
|---|---|---|
| A dial-up modem | 4.74338 × 10-17 Zibit/s | 0.000000007 To/s |
| Typical home broadband | 8.47033 × 10-14 Zibit/s | 0.0000125 To/s |
| Gigabit Ethernet | 8.47033 × 10-13 Zibit/s | 0.000125 To/s |
| Streaming a 4K film | 2.11758 × 10-14 Zibit/s | 0.000003125 To/s |
De zebibit per seconde is een eenheid van gegevensoverdrachtssnelheid gelijk aan twee tot de zeventigste bits per seconde, dus 1024 exbibit per seconde. Het symbool is Zibit/s. Zij is de binaire tegenhanger van de zettabit per seconde, en beide verschillen 18,1 procent — dicht bij een vijfde.
Niets loopt in dit tempo, en niets wordt ervoor ontworpen. Eén zebibit per seconde is ongeveer duizend maal het ogenblikkelijke totale verkeer van het internet, en zou de hele bewaarde gegevensvoorraad van de wereld in enkele minuten verplaatsen. De eenheid bestaat omdat de IEC-reeks, net als de metrieke reeks waarnaast zij staat, volledig werd bepaald en niet slechts tot waar men destijds behoefte aan had.
Die volledigheid is een bewust ontwerpbeginsel en geen verzuim. Een meetstelsel waarvan de namen op een willekeurig punt opraken, dwingt elke toekomstige gebruiker een uitbreiding te improviseren, en geïmproviseerde uitbreidingen botsen met elkaar. De hele ladder vooraf vastleggen kost niets en neemt de mogelijkheid weg.
Het gat van achttien procent op dit niveau is de helderste illustratie van waarom de binaire reeks überhaupt nodig was. Bij de kibibit verschilden de twee gebruiken 2,4 procent, wat niemand opmerkte; de afwijking vermenigvuldigt zich bij elke trede met 1,024, en hier is zij al zo groot dat geen lezer de twee etiketten als uitwisselbaar zou kunnen behandelen, zelfs niet in los schrijven.
In octetten is één zebibit per seconde 147 573 952 589 676 412 928, ofwel 128 exbioctet per seconde. Hetzelfde tempo in elke eenheid van de schaal uitdrukken is een oefening en geen toepassing, maar wel een die een omrekener correct moet uitvoeren, want de rekensom wordt niet bij benadering omdat de grootheid onbereikbaar wordt.
De praktische les is die welke de hele binaire reeks onderwijst: de kleine i is niet vrijblijvend. Zij is het enige teken in een geschreven getal dat een macht van twee van een macht van tien onderscheidt, en op dit punt van de schaal liggen de twee bijna een vijfde uiteen.
Eén zebibit per seconde is gelijk aan 1024 exbibit per seconde, 147 573 952 589 676 412 928 octetten per seconde of ongeveer 1,181 zettabit per seconde.
Het teraoctet per seconde is een eenheid van gegevensoverdrachtssnelheid gelijk aan duizend gigaoctet per seconde, ofwel acht terabit per seconde. Het symbool is To/s. Het beschrijft de geheugenbandbreedte binnen de snelste processors en de gezamenlijke doorvoer van grote rekenstelsels, eerder dan enige verbinding tussen aparte machines.
Grafische chips en versnellers zijn het duidelijkste voorbeeld. Een hedendaagse versneller gebruikt gestapeld geheugen dat naast de processor in dezelfde behuizing zit, en de bandbreedte ertussen haalt enkele teraoctet per seconde. Dat getal is wat het mogelijk maakt duizenden rekeneenheden tegelijk bezig te houden, en het is nu de eigenschap die het vaakst bepaalt hoe snel een machinaal-leertaak draait.
Het is de moeite waard te zeggen waarom de bandbreedte en niet het rekenen de beperkende factor is geworden. Processors zijn in rekenkracht veel sneller gegroeid dan het geheugen in het aanleveren van gegevens, zodat een hedendaagse chip tientallen bewerkingen kan uitvoeren voor elk octet dat hij leest. Elke berekening die het geheugen vaker raakt, wordt door het geheugen begrensd, en de meeste werkelijke berekeningen doen dat.
De koppelnetten van supercomputers halen dit bereik gezamenlijk. Het net dat duizenden knopen bindt draagt teraoctet per seconde dwars door de hele machine, al doet geen afzonderlijke verbinding dat. Het ontwerpprobleem is de topologie zo te schikken dat elke knoop elke andere snel bereikt, en daarom worden deze netten als meerdimensionale mazen en bomen gebouwd in plaats van als eenvoudige sterren.
Om het getal tastbaar te maken: één teraoctet per seconde zou een grote consumentenschijf in twintig seconden vullen en de hele tekst van alle boeken in een nationale bibliotheek binnen een minuut overdragen. Niets in gewoon gebruik komt in de buurt, en geen externe kabel van welke aard ook draagt het.
De eenheid verschijnt ook in beschrijvingen van opslagopstellingen. Een groot parallel bestandssysteem, verspreid over duizenden schijven, kan gezamenlijk enkele teraoctet per seconde aan een supercomputer leveren, en dat getal wordt als kopspecificatie genoemd omdat het bepaalt hoe snel een simulatie kan worden weggeschreven en teruggelezen.
Eén teraoctet per seconde is gelijk aan 1000 gigaoctet per seconde, 8 terabit per seconde of ongeveer 0,9095 tebioctet per seconde.